Dit zijn de andere websites van Boehringer Ingelheim

Actueel   |  21 sep 2017

BLOG: ‘Onverklaarbare’ hoefbevangenheid

Op mijn route staat een visite gepland bij Annette Lami en haar paard Black Star, een 15-jarige Paint. In mijn agenda staat: ‘paard stijf, graag visite’. Bij aankomst vertelt de eigenaresse me dat het paard moeilijk loopt en sloom is. Klinisch onderzoek (eigenlijk één blik) doet mij de diagnose al stellen: Black Star is hoefbevangen. Het paard loopt liever niet en staat met de voorbenen heel iets voor de loodlijn. Als ik mijn vermoeden uitspreek, zegt Annette dat ze dat al dacht, maar geen idee heeft hoe dat mogelijk is.


Onverklaarbaar

Nader klinisch onderzoek laat een digitale pols zien die te voelen is op de kogel. Een visitatie – het knijpen in de hoef – levert geen pijnreactie op. Percussie – het slaan met een zachte hamer op de zool – is wel positief. Onder de hoef is de witte lijn niet verbreed en ook de rest van de hoef is niet afwijkend. Mijn diagnose luidt hoefbevangenheid.

De eigenaresse begrijpt er niets van. Black Star wordt 5 keer per week gereden en staat 4 uur per dag in een weide met weinig gras (het is juli). Hij krijgt 1 kg krachtvoer aangevuld met 2 keer per dag ruwvoer. Hoefbevangenheid is een stofwisselingsziekte die vaak voorkomt als paarden veel fructosamines (suikers) binnen krijgen, bijvoorbeeld door het gras. Maar 4 uur weidegang is niet heel veel en waarom hebben de andere Paints in de groep nergens last van?

 

PPID?

De BCS (body-condition score) van Black Star is top, er is absoluut geen sprake van obesitas. Ik leg uit dat PPID (de ziekte van Cushing) ook een oorzaak kan zijn van hoefbevangenheid. Annette vraagt meteen wat dat ook alweer is. Bij PPID is er sprake  van een vergroting van de hypofyse (deel van de hersenen) waarbij de hormoonafgifte en regulering verstoord is. We zien het vaak bij oudere paarden, maar soms ook bij jongere. De hoge corticosteroïdenspiegel die daarbij ontstaat, is de oorzaak van het niet goed kunnen omgaan met suikers in het gras waardoor onder meer hoefbevangenheid kan ontstaan.

Ik neem eerst een bloedmonster om de ACTH-spiegel te bepalen. Hoge waardes van het hormoon ACTH in het bloed duiden namelijk op PPID. Dat is het geval bij Black Star. Hij krijgt een ontstekingsremmer en bloedverdunners. Omdat we de kanteling van het hoefbeen absoluut willen tegenhouden, gips ik beide voorhoeven in zodat de diepe buigpees iets ontlast wordt en er tegendruk ontstaat op de zool. Meteen na het ingipsen zie ik het paard comfortabeler stappen. Ik schrijf absolute boxrust voor, zodat de kanteling door te veel lopen wordt tegen gegaan.

 

Blijven managen

De ACTH-uitslag blijkt positief: PPID. We weten nu de oorzaak van de bevangenheid. De behandeling met medicatie wordt gestart en na vier weken is Black Star weer rad. Röntgenologie laat geen kanteling zien van het hoefbeen. Het paard krijgt dagelijks medicatie en 3 keer per jaar wordt zijn bloed gecontroleerd. Hij mag maar beperkt in de wei, aangezien PPID altijd aanwezig blijft.

Black Star doet het nu weer goed. We hopen dat dit zo blijft, maar de diagnose PPID heeft ons wel verrast en niet heel vrolijk gemaakt. Een paard met deze ziekte moet je altijd goed blijven managen. Overgaan doet het niet. Heeft u ook een paard met ‘onverklaarbare’ hoefbevangenheid? Denk dan ook eens aan PPID.

 

Johan Oosterloo, paardenarts bij DAP Nijkerk-Wellensiek

 

Kijk hier voor meer informatie over Hoefbevangenheid


"